De in het Paleis van Tau in Reims bewaarde gouden, met parels en groene en rode stenen, misschien rode robijnen of spinellen en groene smaragden, bezette talisman in karolingische stijl stamt uit de negende eeuw. Het is onbekend of hij van Karel de Grote zelf geweest is. Zijn opvolgers kunnen de talisman hebben laten maken. In latere eeuwen werden veel objecten uit de zevende tot elfde eeuw in verband gebracht met Karel de Grote. De talisman wordt niet tot de reliekschrijnen gerekend. Reliekschrijnen worden niet gedragen.
De in het Paleis van Tau in Reims bewaarde gouden, met parels en groene en rode stenen, misschien rode robijnen of spinellen en groene smaragden, bezette talisman in karolingische stijl stamt uit de negende eeuw. Het is onbekend of hij van Karel de Grote zelf geweest is. Zijn opvolgers kunnen de talisman hebben laten maken. In latere eeuwen werden veel objecten uit de zevende tot elfde eeuw in verband gebracht met Karel de Grote. Het glazen hart van de talisman bevat twee stukjes hout in een kruisvorm. Misschien gaat het om hout dat geacht werd afkomstig te zijn van het kruis van Christus. Dat relikwie zou de talisman in de ogen van de drager een grote magische kracht hebben verleend. Het gouden snoer is van latere datum. Het talisman is volgens de overlevering een geschenk van de kalief van Bagdad Haroen al-Rashid. Het goudsmeedwerk is niet arabisch. Het zou in 1166 bij de opening van de sarcofaag van Karel de Grote in Aken op het hart van de keizer zijn gevonden. Het object rust sinds 1919 in het Paleis van Tau. De talisman wordt niet tot de reliekschrijnen gerekend. Reliekschrijnen worden niet gedragen.